Pubers in goede en slechte tijden

Pubers, grijze haren krijg ik er soms van! Letterlijk!

Je staat rustig op, ontbijt alleen op je gemak, gaat op weg naar de bakker even kort dag zeggen bij je vader, haalt daarna naast een lekker vers brood ook nog twee donuts om de kids te verrassen later op de dag en begint dan aan de strijk, terwijl zoonlief eindelijk uit zijn bed kruipt. Blijkbaar een dringende taak die strijk, want zoonlief beweert direct geen enkele t-shirt meer te hebben in zijn kast. Juist ja, geen t-shirt meer die hij cool vindt. Hij heeft heel dringend nieuwe kleren nodig. En neen, de vuile was die doorheen zijn hele kamer op de grond slingert, telt niet mee. Op mijn opmerking dat er niets meer in de wasmanden ligt, dat alles gewassen is, dat er enkel nog een beetje strijk ligt, daarop wordt geantwoord dat hij NOOIT nieuwe kleren krijgt. Naarstig strijk ik door, negeer zijn gegrommel en gun hem die laatste opmerking.

Hij begint dan maar het afwasmachine leeg te maken om dan zo een reeks van commentaren over zijn zus af te vuren op mij. Zij heeft de vorige dag de vaatwasser ingeladen en heeft dit blijkbaar niet op de ‘juiste’ manier gedaan volgens hem. Op maandag wisselen ze namelijk van taak om het afwasmachine in en uit te laden. En je kan je klok erop gelijk zetten, elke keer als de wissel gebeurt, is er discussie. De andere doet het niet goed, is steeds de wederzijdse commentaar! Gegrommel en opmerkingen over de rommel die zijn zus ook overal achter laat volgens hem, volgen elkaar in sneltempo op.

En dan explodeer ik. Het komt er al roepend uit, van nul naar honderd in een paar seconden. Of hij altijd alles op de ‘goede’ manier doet? Waarom hij steeds zo op zijn zus zit te vitten? Of zijn kamer zo een toonbeeld van netheid is? Waarom altijd die negatieve opmerkingen? Dat ik dat echt beu ben!

Terwijl ik sta te roepen, besef ik dat dit geen enkele zin heeft. Er komt alleen maar meer weerstand van zijn kant uit. Ik ga even naar buiten een luchtje scheppen. Dan komen natuurlijk de gedachten bij mezelf. Het negatieve stemmetje in mijn hoofd: “Dat heb je weer goed aangepakt! Is dat een manier van communiceren met je zoon? Heb je daarvoor pedagogie gestudeerd in je opleiding?” Positiever en met meer mildheid hoor ik de tegenstem; “Je bent ook maar een mens en soms kan je eens doorschieten. Als je rustig bent, kan je best met hem hierover op een andere manier praten. Haal een paar keer adem, zorg dat je rustig wordt en ga terug naar binnen.”

Ondertussen heeft zoonlief de afwasmachine leeggemaakt en zit hij weer rustig (alsof er niets gebeurd is) in de zetel met zijn gsm in de hand. Dat ding lijkt soms aan hem vast geplakt te zijn 😉

Alhoewel ook niet altijd. Gisteren hebben beide pubers samen met mij een vierkante meter kruidentuin gemaakt op het terras. Plantjes en zaden gekocht, bak gevuld met potgrond en alles helpen planten en zaaien. De sfeer was toen heel fijn, iedereen was vrolijk, echt teamwork was het.

dav

Dus trek ik me maar op aan die positieve momenten. Want net zoals bij iemand met een depressie, lijken er bij pubers goede en slechte momenten te zijn!

Reacties zijn gesloten.

Create a website or blog at WordPress.com

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: